Ga naar inhoud
hoogbegaafd hoogbegaafdheid lichaamsgericht

Waarom een snel brein vrijwel altijd in een gevoelig lijf woont

Karolien Koolhof
Waarom een snel brein vrijwel altijd in een gevoelig lijf woont

Er wordt vaak gedacht dat een hoog IQ een garantie is voor succes op school en in je carrière. Maar in mijn praktijk zie ik ook vaak de andere kant van de medaille: hoogbegaafde mensen die worstelen met chronische stress, overweldigende emoties en opvallend vaak fysieke klachten hebben. Zit dat tussen de oren, of is er meer aan de hand?

Mensen met een zeer hoge intelligentie of een neurodivergent profiel hebben vaak een zenuwstelsel dat fundamenteel anders staat afgesteld. De Poolse psychiater Kazimierz Dabrowski zag dit decennia geleden al. Hij ontdekte dat hoogbegaafden de wereld ervaren via specifieke overprikkelbaarheden. Dit kan fysiek zijn (niet tegen kriebelende kledinglabels of felle lampen kunnen), maar ook emotioneel of intellectueel. 

Een snel brein is een brein dat non-stop verbanden legt. Dat is prachtig als je een complex werkprobleem moet oplossen, maar het betekent ook dat ditzelfde brein razendsnel piekert en zich zorgen maakt. Waar een gemiddeld brein na een drukke werkdag in de ruststand gaat, blijft het hyper-brein de gebeurtenissen van de dag herkauwen. Hersenonderzoekers, zoals Leuchter en zijn team in 2012, hebben dit letterlijk zichtbaar gemaakt in hersenscans: bij mensen die veel piekeren of neigen naar depressie, lijken de elektrische signalen in het brein simpelweg niet meer uit te schakelen. De verbindingen blijven aan staan, waardoor het zenuwstelsel zich nooit volledig kan ontspannen. 

Ontstekingen

Maar wat heeft dit met je lichaam te maken? Hier komt de psychoneuro-immunologie om de hoek kijken. Dit is de brug tussen psychologie, je zenuwstelsel en je immuunsysteem. Wanneer jouw brein continu aan staat door intense zintuiglijke prikkels of simpelweg omdat je elk detail in een sociale interactie opmerkt, registreert je lichaam dit als chronische stress. Het brein maakt namelijk geen onderscheid tussen een daadwerkelijke fysieke bedreiging (zoals een ontsnapte tijger) of een mentale bedreiging (zoals een conflict op het werk of het diepe besef van onrecht in de wereld). In beide gevallen slaat het alarm. 

Je sympathische zenuwstelsel wordt geactiveerd: de bekende vecht-of-vlucht-stand. Als je hier jarenlang in vastzit, raakt je immuunsysteem in de war. Het lichaam denkt dat het onder vuur ligt en reageert met ontstekingsreacties. Dit zogeheten hyper-body-effect werd ontdekt door een grootschalig onderzoek van Karpinski en collega's in 2018 onder ruim 3.700 leden van de hoogbegaafdheidsvereniging Mensa. 

Vergeleken met het landelijk gemiddelde hadden deze hoogintelligente mensen een torenhoog risico op een reeks psychologische én fysiologische aandoeningen. Ze hadden ruim twee keer zoveel kans op stemmingsstoornissen en angst, maar opvallend genoeg ook veel meer kans op omgevingsallergieën, voedselallergieën, astma en auto-immuunziekten. Het hyper-brein en het hyper-lichaam bleken onlosmakelijk met elkaar verbonden. 

Herstel

Het onderzoek van Karpinski staat bovendien niet op zichzelf. Al in de jaren 80 deed onderzoekster Camilla Benbow een beroemde studie onder wiskundig en verbaal extreem getalenteerde jongeren. Ook zij ontdekte dat ongeveer de helft van deze briljante studenten leed aan allergieën, astma of immuunziekten. Een veel hoger percentage dan normaal. 

Wat betekent dit voor jou? Als jij jezelf herkent in de kenmerken van hoogbegaafdheid en je worstelt met onverklaarbare fysieke klachten, weet dan dat dit niet alleen maar in je hoofd zit. Want wat in je hoofd zit, communiceert de hele dag door met je lijf. Zie het als een formule 1-racewagen van een zenuwstelsel. Heel fijn, maar je kunt er niet mee over een onverharde weg vol gaten rijden alsof het een simpele stadsauto is. Het vereist ander onderhoud.

De kern hiervan is het goed reguleren van jouw zenuwstelsel. Het vraagt om voldoende oplaadtijd, het serieus nemen van je prikkelgrenzen en het leren kalmeren van de constante stroom aan gedachten. Want pas als het hyper-brein leert rusten, krijgt het hyper-lichaam de kans om te herstellen.

Karolien Koolhof

Over de auteur