Ga naar inhoud
afwijzingsvoeligheid ADHD autisme

Waarom een onbeantwoord appje zo veel pijn kan doen

Karolien Koolhof •
Waarom een onbeantwoord appje zo veel pijn kan doen

Ken je dat? Je stuurt een appje en er komt geen antwoord. Binnen een paar minuten heb je bedacht wat je verkeerd hebt gedaan en dat het vast nooit meer goed komt. En je lijf doet mee, want je voelt een knoop in je maag. Aan de buitenkant is er niets gebeurd, maar aan de binnenkant lijkt het alsof er een alarm afgegaan. Wat is er aan de hand?

Veel neurodivergente mensen herkennen dit. Op sociale media heet het "RSD" of rejection sensitive dysphoria. Maar wat is dat eigenlijk en is er ook bewijs voor dit verschijnsel? Psychologen spreken in dit geval van afwijzingsgevoeligheid. Je verwacht snel dat anderen je afwijzen en je reageert er heftig op. Het ontstaat vaak door wat je eerder in je leven hebt meegemaakt. Wie vaak is afgewezen, gaat afwijzing verwachten en wordt steeds scherper in het opmerken van signalen. Je alarmsysteem wordt gevoeliger afgesteld. Dat kan leiden tot sociale angst, jezelf terugtrekken en eenzaamheid (Gao et al., 2017).

Iedereen kent dit wel een beetje, maar bij sommige mensen is het sterk. Een overzichtsstudie van 75 onderzoeken liet zien dat zij vaker last hebben van depressie, angst en eenzaamheid. Dat verband bleef bestaan als onderzoekers mensen langere tijd volgden. Het is wel een matig verband, dus afwijzingsgevoeligheid is zeker niet het hele verhaal.

Geen diagnose

De term RSD werd bekend door de Amerikaanse psychiater William Dodson, die het koppelt aan ADHD. Het staat niet als aandoening in de diagnosehandboeken. Het onderzoek ernaar is klein: vijf studies, allemaal met interviews, met 4 tot 43 deelnemers. In de grootste studie herkenden 33 van de 43 jongvolwassenen met ADHD zich erin.

Wat mensen vertellen, is opvallend consistent. In een studie met vijf studenten met ADHD kwamen steeds drie dingen terug, namelijk lichamelijke pijn, terugtrekken en maskeren (Rowney-Smith et al., 2026, via Kahn, 2026). De pijn zorgde ervoor dat ze zich gingen aanpassen aan anderen. Daarna volgden terugtrekken, eenzaamheid en meer angst. Dat patroon ken ik uit mijn werk met neurodivergente mensen. Hoe harder je je aanpast, hoe verder je van jezelf af raakt.

Er bestaat nog geen vragenlijst die RSD betrouwbaar meet. Onderzoekers noemen dat de eerste stap (Kahn, 2026).

ADHD

Moeite met emoties reguleren kan horen bij ADHD. Bij ongeveer een kwart tot bijna de helft van de kinderen en bij 30 tot 70 procent van de volwassenen met ADHD is het aanwezig (Shaw et al., 2014). Mensen met meer ADHD-kenmerken zijn in onderzoek vaker gevoelig voor afwijzing en ze zijn ook vaker minder mild voor zichzelf.

Toch noemen onderzoekers het bewijs nog beperkt en wisselend. Bij volwassenen met zowel borderline als ADHD droeg ADHD maar weinig bij, bovenop angst en depressie (studie bij borderline en ADHD). Die twee gaan vaak samen met ADHD en verklaren dus maar een deel van het verband. En het cijfer dat online rondgaat, dat bijna 100 procent van de mensen met ADHD dit heeft? Dat berust niet op stevig onderzoek.

Autisme

In een interviewstudie vertelden 19 autistische volwassenen hoe uitputtend het is om afwijzing of kritiek te verwachten. Zelf zagen ze twee oorzaken: hun autistische eigenschappen én een leven lang afwijzing. De onderzoekers vermoeden dat het een onderschatte oorzaak van stress is (Van Asselt et al., Autism).

In een grote vragenlijststudie scoorden 1425 autistische volwassenen hoger dan 187 mensen zonder autisme, maar het verschil was klein. En in een kleine studie met 20 autistische en 40 niet-autistische studenten verwachtten de autistische deelnemers minder vaak dat iemand hen aardig zou vinden. Maar over de hele groep voorspelde sociale angst de verwachting van afwijzing beter dan autistische eigenschappen (Gurbuz et al., 2024).

Kip of ei?

Mensen met ADHD en autisme worden vaker afgewezen of verkeerd begrepen. Dat maakt inderdaad gevoeliger. Langdurige afwijzing vroeg in het leven laat je brein alert en defensief reageren (Frontiers in Psychology, 2015). Maar het kan ook andersom werken en onderzoek kan dat nog niet uit elkaar halen. Het gaat dus niet alleen over een brein dat anders werkt, maar ook over wat dat brein jarenlang heeft meegemaakt.

Er is nog geen studie die laat zien dat een behandeling afwijzingsgevoeligheid zelf vermindert bij ADHD of autisme. ADHD-medicijnen verminderen wel emotionele uitbarstingen. Maar niemand heeft gemeten of ze ook de pijn van afwijzing verminderen. Bij kinderen hielden de verbeteringen aan, bij volwassenen waren ze tijdelijk en kwamen ze ook voor bij een placebo. Bij autisme daalden de scores in een kleine proef in beide groepen even sterk.

Therapie met ACT (acceptance and commitment therapy) werkte bij studenten met een andere vorm van afwijzingsgevoeligheid, maar zij hadden geen (gediagnosticeerde) ADHD of autisme (Zhao et al., 2025). Over lichaamsgerichte werkvormen heb ik geen onderzoek naar afwijzingsgevoeligheid gevonden. Wat verder lijkt te helpen is vooral begrip van de omgeving (Beaton et al., 2022).

Merk je dat je veel last heb van afwijzingsgevoeligheid? Het kan helpen om erover in gesprek te gaan. Neem gerust contact met me op als je hier eens verder over wilt praten.

Karolien Koolhof

Over de auteur