Ga naar inhoud
grenzen werkvloer

Zo stel je grenzen op de werkvloer

Karolien Koolhof
Zo stel je grenzen op de werkvloer

Je zit in een vergadering die allang had moeten stoppen. Of een collega vraagt "nog even snel" iets terwijl je eigenlijk al vertrekt. Voor veel mensen is dit een klein ongemak. Maar als je prikkelgevoelig bent, is het vaak het moment waarop de energie voor de rest van de dag verdampt.

Het probleem is niet dat je geen grenzen hebt, maar dat je ze vaak pas trekt als het al te laat is. Dan voelt het als meer als een excuus dan een keuze. Op de werkvloer speelt er ook iets anders dan thuis of in je vriendengroep. Er is een machtsverhouding, er zijn verwachtingen over beschikbaarheid en "nee" zeggen voelt sneller als een risico voor hoe je wordt gezien. Voor introverte en hooggevoelige mensen komt daar nog iets bij: je merkt vaak pas dat een grens nodig was op het moment dat je hem al overschreden hebt. De vermoeidheid of het dichtklappen komt achteraf, waardoor je reactief in plaats van proactief grenzen trekt.

Dat reactieve patroon zorgt voor een vervelende dynamiek: je zegt pas "nee" of "ik moet ervandoor" als je er al doorheen zit en dat komt op collega's soms bot of onverwacht over. Terwijl diezelfde grens, vroeg uitgesproken, volstrekt normaal zou hebben geklonken.

Anticiperen

Een grens is niet hetzelfde als afstand houden of minder doen. Het is aangeven onder welke voorwaarden je goed kunt functioneren en dat vroeg genoeg communiceren zodat de ander erop kan anticiperen. "Ik werk het best als ik 's ochtends niet direct in overleg zit" is een grens. "Ik heb na een vergadering tien minuten nodig voordat ik met iets nieuws kan beginnen" is een grens. Het helpt je om je energie niet volledig op te branden.

Maar hoe doe je dat? Begin met grenzen die je vooraf stelt, niet achteraf. In plaats van een vergadering vroegtijdig te verlaten omdat je op bent, geef je bij de uitnodiging al aan hoeveel tijd je hebt. Dat verschuift het gesprek van "ik moet nu weg" naar "dit is de tijd die er is" en dat laatste wordt zelden als onbeleefd ervaren.

Geen verantwoording

Maak ook onderscheid tussen grenzen die je uitlegt en grenzen die je gewoon stelt. Niet elke grens verdient een verantwoording. "Ik neem liever schriftelijk vragen aan dan dat je even langsloopt" is een werkvoorkeur. Je hoeft er geen verhaal bij te vertellen om het te mogen zeggen.

Bouw daarnaast bewust ruimte in rond momenten waarvan je weet dat ze veel vragen, bijvoorbeeld een dag met meerdere vergaderingen of een teamuitje. Zeg op zulke dagen niet ineens overal ja tegen, alleen omdat het "toch al een zware dag is". Juist dan is de kans op overprikkeling het grootst.

Oefen ten slotte met korte, neutrale formuleringen die je klaar hebt liggen voordat je ze nodig hebt. "Ik kijk er even naar en kom er later op terug" of "ik heb hier nu geen ruimte voor, morgenochtend wel" zijn zinnen die duidelijkheid geven. Hoe vaker je ze gebruikt, hoe minder ze als afwijzing voelen voor jou én voor de ander.

Makkelijker

Grenzen die je vroeg en rustig stelt, worden zelden als een probleem ervaren. Grenzen die je pas trekt als je al overprikkeld of uitgeput bent, wel. De timing en toon maken daarbij veel uit. Door vooraf te communiceren in plaats van achteraf te corrigeren, houd je niet alleen meer energie over, maar wordt het ook makkelijker voor collega's om met je samen te werken op een manier die voor beide kanten werkt.

Grenzen stellen is juist voor introverte, hooggevoelige, hoogbegaafde of ADHD-breinen vaak een vaardigheid die niet vanzelf komt, omdat de signalen die een grens nodig maken anders binnenkomen dan bij de meeste mensen. Coaching kan helpen om die signalen eerder te herkennen en grenzen te formuleren die passen bij hoe jij werkt, in plaats van bij een gemiddelde werkweek die niet voor jou is ontworpen.

Herken je jezelf hierin? Ontdek hier hoe coaching je kan helpen om grenzen op de werkvloer eerder en makkelijker te stellen.

Karolien Koolhof

Over de auteur